Leier und Schwert

De eerste staat

Prosper van Langendonck

Toen Romers, tuk op macht en volksverderven,
Germanjes reuzenwoudgrens  overschrijden,
greep 't choor der barden, 't choor der godgewijden,
Naar knots en harp om eeuwgen roem te werven.

Geen harp alleen -  om 't bloedgeding te omzwerven
en - de andre ontvlammend, - doodsgevaar te mijden:
wie 't strijdlied zong moest zelve durven strijden,
wie heldendood verhief - zelf kunnen sterven!

U lof in de eeuwen, die niet slechts gezongen,
O Koerner, maar uw bliksemsstraal gezwongen
En 't gloeiend lied hebt door uw bloed bezegeld!

En hij, wien 't jonglingshart van geestdrift brandde,
Hij die sonetten heeft ten strijd geregeld, -
hij weze onsterflijk ... tot zijn eeuwge schande!


handschrift

[Uiteindelijke versie] [Tweede staat] [Prosper van Langendonck pagina] [Coster pagina]

Bezorgd door Joachim Verhagen.
Opmerkingen aan: coster@dds.nl.