Voetnoot by: Eerst brief van den Schoolmeester

Messiaanschen trant
Messiaansche verzen werden, in mijn jeugd, naar zekeren mijnheer Mes of Mesz, die er een bol in was, de zoodanige, die maar in schijn rijmen, als ketent en rekent, koestaart en ploegzwaard, grijzaard en nijlpaard. Een voorbeeld leveren de volgende, uit een gedicht, op de promotie van twee mijner vrienden vervaardigd:
Berst los, bezielt u, Messianen!
  By 't plengen van den eerewijn.
Verheft den roem van groote namen,
  In 't onnavolgbaar kreupelrijm.
Zij wijd en zijd de lof vernomen
Van... 's onnavolgbre zonen,
  Dees dag met eeuwige eer omkranst:
En by den blijden klank der kelken
Moog my, Apol, uw dichtvuur helpen:
  Het was my nooit zo nut als thands.

Ach! thands verdeelt zich beider loopbaan, Want de oudste zal, als Proponent, Fiks naar een Predikantsplaats doorslaan, Zij teeder lief in d' arm geklemd: En de ander, die niet minder leep is, Brengt offers op 't altaar van Themis.