De Vogels

De schoolmeester (Gerrit van de Linde) (1808-1858)

Coster-pagina

               Een fiksche vogel
       Gaat byna zoo gaauw als een kogel;
               Doch in zijn kooi
       Vliegt hy nooit zoo ver of zoo mooi.
               
Zijn jassen en japonnen, enfin al zijn kleêren,
     Noemt een vogel: "mijn veêren;"
     En een kanarie heeft heel veel
     Van een jonge juffrouw in 't geel.

     Om een vogel aan 't spit te kunnen hangen,
Moet men hem maar eerst zien te krijgen of te vangen.
     Vogels zitten dikwijls op hun uiterste gemak
     Met hun eene been op een hoogen, dunnen tak;
't Geen onder vette koeien en dieren van dien aart
     De grootste verwondering en afgunst baart.

                   Op zwart zaad
           Is een vogel ontzachelijk kwaad,
                   En hy zou een vinkebaan,
Als hy naar zijn gemoed te werk ging, wel aan duigen willen slaan.
                Doch onder zijn grootste ongelukken
         Rekent hy den handel in broekjens en krukken.

               Een vogel vliegt soms dag en nacht;
           Doch hy wordt er ook vroeg voor opgebracht.
vogels.jpg

[Schoolmeester Homepagina] [Coster Pagina]

Bezorgd door Joachim Verhagen (J.C.D.Verhagen@fys.ruu.nl).
Opmerkingen aan: coster@dds.nl.