Proeve van dichterlijke waarnemingen

De schoolmeester (Gerrit vande Linde)

't Is een onwederlegbre waarheid.
    - T.J. Kerkhoven.

Een onwederlegbre waarheid
Is het, dat by middag klaarheid,
De avond zelden duister spreidt;
Daar-en-tegen biedt het duister
Ons zeer zelden zonneluister;
Dit is zelfs een duidelijkeheid.

Zoo kan men, op den dag van morgen,
Niet meer voor dien van gistren zorgen,
  En ook niet fluiten als men eet;
En, waar geen bel is, ook niet bellen;
En in persoon geen brief bestellen,
  Als men 't adres der brief niet weet.

Zoo ziet men zelden ijzer drijven,
Of in koud water gloeiend blijven,
  En evenmin een veldkonijn
Een hokkeling naar binnen slikken;
Of 't beestjen (zal 't niet daadlijk stikken)
  Moet groter dan een koebeest zijn.

Zoo kan men haast voor zeker zeggen,
Dat, wie zelf eieren kan leggen,
  Geen haan of kippen heeft van doen;
Tenzij zijn kiesche dischgenooten
Zijn huisbak onbeleefd verstooten
  En 't ei verkiezen van het hoen.

Zoo ziet men eer een zwerm van muggen,
Dan kemels met gebulte ruggen
  In zwermen vliegen om de kaars:
Zoo worden, aan den rand der slooten,
De reigers, met hun langen pooten.
  Zeer zelden opgeslokt door baars.

Zoo is de zevende verdieping
Vrij van verzakking en van zwieping,
  Als men maar één verdieping heeft:
Zoo zal een eerlijk man zijn kiezen
Nooit op zijn derde jaar verliezen.
  Als hy maar dertien weken leeft.

Zoo zou ik byna durven zweren,
Dat kinders in de lange kleêren
  Meest korter zijn dan hun japon:
Zoo slaat men aan een rieten hengel
Veeleer een worm aan dan een Engel;
  Gesteld dat 'm Englen krijgen kon.

Zoo schenkt men zelden worst uit kruiken,
Of witten wijn uit palingfuiken,
  Of rooden uit een leêge flesch:
Zoo snuift men zelden uit zijn schoenen.
En snijdt geen messen met kapoenen,
  Maar meest kapoenen met een mes. waarnem.gif

Zoo ziet men aan de onzichtbre transen
Geen morgen-avond-weêrschijn glansen,
  Geen regenachtig ijsgareel:
Zoo zal de toon der boschkoralen
Geen brieschend strijdros achterhalen
  By 't schel geluid van Philomeel.

Laat vrij de hel dan zinloos woeden,
De hemel in de pekelvloeden
  Zich storten van der Alpen kruin;
Ons lacht de gouden zonneregen
In 't druivenat der perzik tegen
En voert, langs ongenaakbre wegen,
On naar 't gewest van smart en egen.
  Naar 't ontoegankelijk "Woestduin".



[Schoolmeester Homepagina] [Coster Pagina]


Opmerkingen aan: coster@dds.nl.

De hier beschikbaar gestelde teksten vallen buiten het kopijrecht. Ook de HTML-versies mogen wat ons betreft vrijelijk gebruikt worden voor studie of genoegen. Neem alstublieft kontakt op met coster@dds.nl wanneer u ze gebruikt voor handelsdoeleinden.