Aantekening bij Het Stoomtuig

A.C.W. Staring

"Wie kent de grenzen van het menschelijke vernuft?" H.C. van Hall, Inw. Redev. 95. - "ruimt slibbe en zand" Dit doelt op een voorstel, aan de Hoogste Magt gedaan, om eene grondige en min kostbare verbetering van onze Rivieren te beproeven, met werktuigen, geschikt tot losmaking van hinderende aanhoopingen, in bepaalde rigting, door Stoomschepen langs derzelver bodem te laten voorttrekken. - "De Plasssen in" Ik duide op het zoo loffelijke bekende Werk over het Haarlemmer Meer, van den Heer Baron van Lijnden van Hemmen, en deszelfs voorslag om schepraden door stoom te drijven. - "Aanbiddend hopen" Vereenvoudiging van het werktuig, waarmede de damp kracht doet; een minder kostbaar middel, om water tot den staat van damp te brengen; èèn of ànder ligtverkrijgbaar gas, tot vervanging van den stoom; dit (en nog meer) zijn dingen, niet boven bereik van het genie, en uit welke het menschdom voordelen van het allerhoogste belang konde trekken.


Naar het gedicht
Bezorgd door Joachim Verhagen.
Opmerkingen aan: coster@dds.nl.
Naar de Coster-pagina.