Statenvertaling

Psalm 1



1. Welgelukzalig is de man die niet wandelt in den raad der goddeloozen, noch staat op den weg der zondaren, noch zit in het gestoelte der spotters;

2. Maar zijn lust is in des HEEREN wet, en hij overdenkt zijne wet dag en nacht.

3. Want hij zal zijn als een boom, geplant aan waterbeken, die zijne vrucht geeft op zijnen tijd, en welks blad niet afvalt; en al wat hij doet, zal wèl gelukken.

4. Alzoo zijn de goddeloozen niet, maar als het kaf, dat de wind henendrijft.

5. Daarom zullen de goddeloozen niet bestaan in het gerigt, noch de zondaars in de vergadering der rechtvaardigen;

6. Want de HEERE kent den weg der regtvaardigen, maar de weg der goddeloozen zal vergaan.

Vertaling van Jan van der Noot
Vertaling van Joost van den Vondel
Naar de psalmenpagina