Joost van den Vondel (1587-1679)

Op ons Weeshuis. (*)

A. 1634?

I.

Wij groeyen vast,
In tal en last;
Ons tweede Vaders klagen.
Ay, ga niet voort,
Door deze poort,
Of help een luttel dragen.

II.

Hier treurt het Weeskint met geduld,
Dat arm is zonder zijne schult,
En in zijn armo moet vergaan,
Indien ghy t weigert by te staan;
Zoo ghy gezegend zyt van Godt,
Vertroost ons met uw overschot.

III.

Geen armer Wees op aarden zwerft,
Dan, die der Weezen Vader derft;
Der Weesen Vader derft hy niet,
Die Weesen troost in haar verdriet;
Dies sla uw oogen op ons ner,
Ons aller Vader trooste u wer.


Het Burgerweeshuis in de Kalverstraat (Het huidige Amsterdams Historisch Museum).


Ingezonden door J.R. van Wijk op: 19 July 2001