Joost van den Vondel (1587-1679)

GEBROEDERS

D a n k o f f e r

AAN DEN MAGISTRAAT VAN AMSTERDAM,

NA HET SPELEN VAN DE GEBROEDERS, IN DEN SCHOUWBURG.

(Voor de edele Magistraat is dit volgende gesproken tot een dankzegging:)

Regeerders van de goude toomen
Der stad, gebouwd op beide stroomen,
Gescheiden door den Dam en Sluis;
O, glory van ons oud stadhuis!
Wat voelden hier de treurtooneelen
Al gunst van Goden, onder ít spelen,
Op ít luistren van den magistraat,
Op dí aandacht van dien wijzen raad!
De schouwburg, galmende op zijn vaarzen
En trotscher tredende in de laarzen,
Heeft nu al ít koninklijk geslacht
Met betren zwier ten val gebracht.
Volhardt gij zoo in kunst te kweeken,
Zon hopen wij allengs te steken
Het grijze Athenen naar de kroon;
En sneuvlen wij, nog staat het schoon
Te sneuvelen voor uwe voeten,
Waar voor vier winden zwichten moeten.


Ingezonden door J.R. van Wijk op: 19 July 2001