Joost van den Vondel (1587-1679)

Op Amstelredam

Het Y en d’Aemstel voeren de hoofdstadt van Europe,
Gekroont tot Keizerin, des nabuurs steun en hope,
Amstelredam, die ’t hooft verheft aan ’s hemels as,
En schiet, op Plutoos borst, haer wortels door ’t moerasch.
Wat watren worden niet beschaduwt van haer zeilen?
Op welcke marckten gaat zy niet haar waren weilen?
Wat volcken zietse niet beschijnen van de maan,
Zy die zelf wetten stelt den ganschen Oceaan?
Zy breit haar vleugels uit, door aanwas veler zielen,
En sleept de weerelt in, met overlade kielen.
De welvaert stut haar Staat, zoo lang d’aanzienlijckheit
Des Raats gewetens dwanck zijn boozen wil ontzeit.


Ingezonden door J.R. van Wijk op: 19 July 2001