Sonnetten

VI

Jacqueline E. van der Waals

Ik wil dezn laatsten ook geven gelijjk als u
Matth. 20:14

Ik had in 's Heeren wijngaard niet de kracht,
De hitte en den last des daags te dragen.
Ik ging tot God, Hem heb ik mijn verslagen,
Verbrijzeld hart als offerand gebracht.

Nu, daar ik God niet dienen kan, nu tracht
Ik hem in al mijn daden te behagen.
Heeft God mijn hulp van noode, zal ik vragen,
Die alle wijsheid heeft en alle macht?

Wie doet de zaak des Heeren nut of schade?
't Is uit genade, als zich God verwaardigt,
Zijn knechten te gebruiken, uit genade,
Als Hij, die niets behoeft, hun arbeid roemt -
En, als God uit genade ook mij rechtvaardigt,
Wie zal het wezen, die mij dan verdoemt?


[Coster Pagina]

Opmerkingen aan: coster@dds.nl.