Jacqueline E. van der Waals

De weg is nauw, die tot het leven leidt
en weinigen zijn die denzelven vinden

Matth. 7:14

Ik wilde, dat God mij in d'eenzaamheid
Den smallen weg ten leven vinden deed.
De groote weg, die veilig is en breed,
Dien niemand missen kan, ligt welbereid,

Met afgepaste plichten geplaveid,
En meeningen, die ieder kent en weet,
Daar wandelt men gerust en welgekleed....
Het is de weg, die ten verderve leidt.

Maar zoo ik - ik slechts wijs? al d'andren dwaas? -
Dien weg verlatende, mijn weg niet vond?
En nog verward door 't waarschuwend geraas
Der scharen, niet Gods stille stem verstond?
Gods breede laan lag veilig voor mijn voeten...
Zou, wie God opgeeft slechts, zijn God ontmoeten?


[Coster Pagina]

Opmerkingen aan: coster@dds.nl.