Zomerdag

Jacqueline E. van der Waals

Nu, voor het eerst van heel den langen zomer
Ligt op de velden zomerzonneschijn,
En zomerschoonheid doet de oogen loomer,
Trager tot scheiden zijn.

Nu voor het eerst op maaiensrijpe landen
Ligt vol de zonneweelde uitgestort,
Tot blauw en geel en zwart van dennenranden
Eén effen vreugde wordt...

Zou nu ook mij de weelde nog gebeuren,
Van zomerschoonheid, vol en onverwacht?
Of komt alreê de gouden najaarspracht
Met stervenstint mijn lentverlangen kleuren,

Eer nog in zoelheid van den zonnelach
Mijn al te ijle zang zal rijpen mogen,
En door mijn lied de volheid komt getogen
Van zulk een zomerdag?


[Coster Pagina]

Opmerkingen aan: coster@dds.nl.