naar de homepagina van Joep Leerssen



In 1996/1997 is het Limburgs erkend als streektaal.

De erkenning heeft plaatsgevonden in de "lichte" variant: anders dan bij het Fries (dat een "zware" erkenning heeft gekregen) worden geen officiële steunmaatergelen ingeruimd ter bevordering van de streektaal in het openbare leven; de overheid stelt alleen vast dat het Limburgs een anderssoortige positie inneemt ten opzichte van de landstaal en dat het om die reden als vorm van cultuurvariatie en regionaal cultureel erfgoed waardering verdient en tegen discriminatie en erosie beschermd dient te worden.

In het advies dat door de werkgroep is uitgebracht is uitdrukkelijk gesteld dat deze "lichte" erkenning voldoende is, en dat er geen sprake kan zijn van talig separatisme of dialect-chauvinisme. Desondanks hebben enkelen deze maatregel tot talige monumentenzorg in een chauvinistisch daglicht wensen te plaatsen en doen er hardnekkige misverstanden de ronde omtrent de erkenning, en omtrent de talige en maatschappelijke situatie van het Limburgs. Zo heeft bijvoorbeeld de Taalunie in een openbare interventie de indruk gewekt als zou door deze maatregel de positie van het Nederlands worden aangetast.

Klik hier voor verduidelijkingen t.a.v. enkele veel voorkomende misvattingen.

Klik hier voor de volledige tekst van het "Advies inzake de erkenning van het Limburgs als streektaal".