IDEE 132 IDEE 134

Idee 133.


   Ik had me voorgesteld heden voorttegaan met m'n betoog dat de Kamer 't Volk niet vertegenwoordigt. Ge meent dat ik beter deed te zeggen dat ik daarmee zou beginnen, en ik voel de scherpte van die mening. Maar hebt ge 't niet vaak ondervonden dat men u leidde langs andere weg dan de gewone, en toch redelyk aankwam waar men wezen wou? Er zyn betogen die 't gebrek hebben van al te grote gemakkelykheid, en daardoor niet de indruk maken die dikwyls, zeer ten onrechte, het gevolg is van ingewikkeldheid. Ik neem aan, m'n stelling dat er een zeer grote organieke fout is in de bepalingen op 't kiezen, te bewyzen in drie of vier regels. Ja, reeds heb ik dat bewys hier-en-daar gegeven in 't stuk over Vrye Arbeid. Maar ik weet by-ondervinding dat 'n saillie niet de indruk achterlaat die ik wil teweegbrengen. Ik weet dat er om die indruk vruchtbaar te maken, iets nodig is dat het uitwissen belet. Zó nagenoeg moet de wilde geredeneerd hebben, die 't eerst weerhaken maakte aan z'n pyl.
   Als ik u bewezen had dat de Kamer 't Volk niet vertegenwoordigt  -- nogeens, ik kán dat doen in drie regels --  zoudt ge wel genoodzaakt zyn dat aantenemen. Maar 't ware daarby gebleven. Ik moet u het bewyzen met 'n weerhaak, en op 'n manier die u dringt by élke verkiezing, by élke uitgeleide uwer afgevaardigden naar de station, hoofdschuddend uitteroepen: die rekening kan niet goed zijn!
   En die rekening is niet goed. Daar kryg ik nu twee brieven uit Haarlem.
 

Eerste brief.

 

Tweede brief

 

Kort daarop kreeg ik bezoek van de Heren Hoyle en Mingo. Na te hebben lucht gegeven aan de verwaandheid die samengaat met gemakkelyke overwinning, kwam 't beter gevoel naar boven, en met eenstemmige eerlykheid riepen zy: 'Geloof me, ge moet anders kiezen. Er moet 'n fout wezen in uw kiesstelsel. Hoe zyt ge te werk gegaan? '
   'Wel, toen uw uitnodiging kwam...'
   'Hebt ge toen in omvraag gebracht wie de strekste whister was?' vroeg Hoyle.
   'Neen, daarover zou wellicht verschil van gevoelen ontstaan zyn. Ieder had misschien gestemd voor zichzelf, of wat overeen uitkomt, ieder had à titre de revanche de stem gekregen van z'n buurman. We hadden niet boekgehouden over vroeger spel, en moesten spoedig beslissen. Er is gespeeld om de voorrang...'
   'In hoeveel partyen?'
   'In partie liée ... één robber.'
   'En de winners van die robber...'
   'We hebben die winners afgevaardigd, helaas, en ze naar de station gebracht met veel statie.'

   'Laat me uw aantekeningen van die beslissende avend eens zien,' vroeg Hoyle.
   Ik gaf ze.
   'Hm, gelyke verdeling van geluk in 't kaartkrygen. Aantal keren geven, gelyk. Alles, alles gelyk...'
   De goede Hoyle zocht, zocht naar de oorzaak van ons verkeerd afvaardigen, en op-eens: 'Dáár zit de fout,' riep hy! 'Ik wist wel dat er iets haperde aan uw manier van kiezen. Ziehier':

 


Aantal levées 

Gewonnen spellen 

A & B 

C & D 
A & B 
C & D 
Eerste spel 5 4 één ---
Tweede spel 0 5 --- één
Derde spel 5 4 één ---

Totaal 10 13 twee één
 
 

   'Ge ziet wel dat we A en B moesten benoemen tot geachte spelers,' zei ik, 'zy hadden de robber gewonnen. Zo was er bepaald.'
   'Juist, zó was er bepaald, maar die bepaling deugde niet. Dááraan hebt ge te wyten dat uw stryd tegen ons verloren is. Uw afgevaardigden vertegenwoordigden niet uw klub, niet dát bestanddeel vn uw klub dat door beter spel met gelyke gegevens meer trekken maakte dan anderen. Ze vertegenwoordigen slechts de uitslag ener geheel willekeurige, op niets degelyks berustende  -- en gy ziet het nu, zeer ondoelmatige en gevaarlyke --  spelregeling ! Ge hadt even goed kunnen zeggen: wy zullen de blondste afvaardigen naar Haarlem.'
   Hoyle had gelyk.

   Daarop kwam m'n vriend Mingo aan de beurt. Ook hy verlangde de aantekeningen te zien, en vond:
 
 


Aantal punten 

Gewonnen spellen 






Eerste spel 50 49 één ---
Tweede spel 0 50 --- één
Derde spel 50 49 één ---

Totaal 100 148 twee één
 
 

  'Ge ziet,' zei Mingo, 'dat ge, eens besloten uw keuze te richten naar 't beste spel van die avend, eens besloten dat spel te schatten naar de uitslag, verkeerd deed die uitslag te laten afhangen van de slotsom ener geheel willekeurige, op niets degelyks berustende  -- en ge ontwaart het nu, zeer ondoelmatige en gevaarlyke --  spelregeling ! Ge hadt even goed kunnen zeggen, we zullen de bruinste afvaardigen naar ...'

   Naar Den Haag. Ja, zó is het! De leden van de Kamer zyn gekozen naar 'n geheel willekeurig, op niets degelyks berustende, en  -- dat hebt gy nu gezien, hoop ik --  zeer ondoelmatige en gevaarlyke kiesregeling.
   In die regeling is 'n radikale fout.
   In de spelen die ik aanhaalde als voorbeeld, vertegenwoordigden de gekozenen niet de klub, maar de uitslag van zekere robber.
   In de Tweede-Kamer vertegenwoordigen de gekozenen niet het Nederlandse Volk, maar de uitslag van zekere, aan de zaak zelf geheel vreemde invloeden op willekeurig afgedeelde fraktiën van dat Volk.


 

VOETNOTEN

Hoyle
Voor wie dit onbekend moge zyn, hier de mededeling dat Hoyle, die in 't laatst der vorige eeuw in Engeland leefde, als autoriteit in 't whisten gold. Nog heden wordt zeker werkje dat hy over dit spel schreef, dikwyls geraadpleegd, vooral in Engeland. Hoyle heeft door zyn zeer nauwkeurige kansberekening het whisten verheven tot 'n studie, en ging hierby  -- schoon slechts 'n spel behandelende --  veel wetenschappelyker te werk dan, byv. professor Edgar Quinet, die z'n zogenaamd wetenschappelyk werk over de probabiliteitsleer, de wetenschap als 'n spelletje behandelde.

   Om iets van kansen te begrypen, blykt deze geleerde nodig gehad te hebben balletjes van verschillende kleur in 'n vaas te doen, die hy dan  -- met meer geduld dan vernuft, waarachtig! --  uren lang stuk voor stuk daaruit haalde om enig inzicht te krygen in de wyze waarop de kleuren elkander intermitterend of in seriën opvolgden. Voor 'n hoogleraar in wysbegeerte komt me deze methode nogal ... lekerig voor. Ik weet dan ook niet tot welke soort van wysbegeerte het vak van Quinet behoort. Als ze experimentaal heet, neemt Zyn hooggel. dit woord wat al te letterlyk op.

(1872)

(terug)



Mingo
Ten-rechte Maingaud, 'n befaamd biljartspeler.

(1872; gewijzigd in 1879)
(terug)