IDEE 233 IDEE 235

Idee 234.


   Ik weet niet in welk hoofdstuk van m'n verhaal het reisgezelschap aan boord kwam, dat zo-even van de kaai had geroepen:  o... hoooo... i... Sainte-Vierge!
   De vreemde werd in z'n gedachten gestoord door 'n luid gelach buiten'sboords. Hy keek over de valreep, dat is over die plek van 't boord, waar op 'n behoorlyk vaartuig, de valreep uithangt.
   Ach, de Sainte-Vierge was 'n armoedig scheepje! Er slingerde een dun, vry oud, geteerd touw langs-zy, en 't stond te bezien of die dame zich daarmee zou kunnen ophysen tegen boord. 't Is waar dat er klampen waren aangespykerd, die dienst deden als de dwarslatten op de marchepied van 'n kippenhok. Maar zo'n kippentrap ligt, of ryst weinig althans, en hier was de opgang zeer steil.

   De dame greep het touw, zette haar voetje, net geschoeid  -- ze was 'n Française --  op de onderste klamp...

   Straks zal 't duidelyk worden waarom ze zo lachte.

   En ze viel.



 

 

VOETNOOT

de valreep uithangt
   Valreep is de koord waaraan men zich kan vasthouden by 't beklimmen van de trap die buiten'sboord hangt. Het touw dat hiertoe dient, is gewoonlyk zeer net met doek omnaaid, en van gekleurde knoppen en kwasten voorzien, die in kunstig gelegde knopen bestaan. Als pars pro toto geeft men de naam van die repen aan de plaats waar men het schip betreedt of verlaat. Vandaar dat de Hollandse uitdrukking "een glaasje by de valreep" tot de Franse coup de l'étrier in-verhouding staat als zeeman tot kavallerist. De betekenis is dezelfde: een afscheidsdronk.

(1872)

(terug)